01 Locatie

StadsBuiten staat voor wonen in kleine clusters aan de randen van de stad, met aandacht voor de ontwikkeling van een sterke gemeenschap en natuur met een grote biodiversiteit.

De dynamiek van een stad, de geborgenheid van een dorp

De schakelzone tussen stad en natuur biedt ruimte voor woongebieden die worden ingepast in het landschap en voorzien in de behoefte van een belangrijke stedelijke doelgroep: mensen die wel bij, maar niet midden in de stad willen wonen. Mensen die zich bewust zijn van hun omgeving en persoonlijke ecologische footprint en verbonden zijn aan de plek of buurt waar zij wonen.

[readmore]StadsBuiten geeft invulling aan de wensen van deze doelgroep met een duurzame, groen-stedelijke buurttypologie. Op basis van historische voorbeelden en de wensen van de doelgroep, schetsen we scenario’s voor een buurt die de voordelen van een dynamische stad combineert met de geborgenheid van een dorp. Een groene buurt waar biodiversiteit wordt versterkt, met een juiste balans tussen mens en natuur.[/readmore]

  • StadsBuiten gaat over:


    de urgentie die de volgende generatie beter lijkt te begrijpen.

  • StadsBuiten gaat over:


    de sociale en collectieve verbinding die nodig is om te veranderen.

  • StadsBuiten gaat over:


    het vergroten van biodiversiteit en het bouwen van duurzame woningen.

De principes van

1
Samenwonen staat centraal
2
Delen wat kan, scheiden wat moet
3
Openbare ruimte als verblijfsruimte voor sociale interactie
4
Stad en buitengebied verbinden voor wandelaar en fietser
5
Stad en buitengebied verbinden voor ecologie en biodiversiteit
6
Klimaatadaptief en toekomstbestendig

De stadsrand;
een harde lijn tussen stad en land.

Op sommige plaatsen wordt de stad ingesnoerd door infrastructuur. Soms is de stad vergroeid met een andere stad of aangrenzend dorp. Vaak bevindt zich aan de rand van de stad het buitengebied. Hier bevinden zich verrommelde gebieden, in onbruik geraakte boerderijen of verouderde industrieterreinen. Die zijn we gaan accepteren alsof ze daar horen, maar staan eigenlijk een nieuwe, natuurlijke overgang van stad en buitengebied in de weg. Dit zijn kansrijke plekken voor kwaliteitsverbetering.
Rafelrand
Industriegebied
Polder
Zandlandschap
Content laden
Sluiten
Volgende stadsrand:
https://stadsbuiten.nl/wp-content/uploads/2019/11/stadsbuiten-stadsrand-rafelrand-before.jpg

Soms is de rand van de stad niet goed herkenbaar of juist sterk gefragmenteerd. Divers, maar laagwaardig in gebruik
en beeldkwaliteit. Dit zijn de rafelranden van de stad. Vaak langzaam gegroeid, ontwikkeld vanuit particulier eigendom en ondernemerschap. Deze rafelranden roepen weerstand op maar spreken tegelijkertijd tot de verbeelding. Verval en kansen voor verbetering zijn hier sterk zichtbaar en voelbaar.

https://stadsbuiten.nl/wp-content/uploads/2019/11/stadsbuiten-stadsrand-rafelrand-after.jpg

In de kleine, organisch gegroeide, gefragmenteerde structuur zijn diverse kwaliteiten en schaalgrootte herkenbaar. Rafelranden bieden kansen voor gerichte herontwikkeling.
Een accupunctuur van doeltreffende ingrepen, die de principes van StadsBuiten volgt. Woningbouwontwikkeling in kleine clusters gaat gepaard met de ontwikkeling van natuur en de verbinding van structuren tussen stad en buitengebied.

https://stadsbuiten.nl/wp-content/uploads/2019/11/stadsbuiten-stadsrand-industriegebied-before.jpg

Soms is het niet een woonwijk, maar een industriegebied dat de grens vormt naar het buitengebied. Geen recente, vitale bedrijventerreinen, maar (gedateerde) fabrieks- en industrieterreinen. Zoals oude steen- of betonfabrieken of laagwaardige bedrijventerreinen met afval- en recycling-, stalling- en garagebedrijven. Vaak gekenmerkt door een verouderde infrastructuur zoals kanaal of spoor en niet goed verbonden aan het hoofdwegennetwerk.

https://stadsbuiten.nl/wp-content/uploads/2019/11/stadsbuiten-stadsrand-industriegebied-after.jpg

De afgelegen locaties van deze terreinen bieden bij uitstek kansen voor sanering en herbestemming tot bijzondere woonmilieus met riante verblijfskwaliteit. Kansen voor sterke vergroening, verbinding en ontharding door het creëren van nieuwe woonmilieus én het verbinden van de natuur met de stad.

https://stadsbuiten.nl/wp-content/uploads/2019/11/stadsbuiten-stadsrand-polder-before.jpg

In de lagere delen van Nederland is de polder een veelvoorkomend, leidend verkavelingsprincipe. De polders, meestal in gebruik als agrarisch gebied, zijn herkenbaar en beleefbaar als grote open weides en akkerland aan de rand van het stedelijk gebied. De orthogonale vorm, de maat en het ritme van de polderslagen zijn sterk waarneembaar, veelal doorgezet in de verkaveling van het aangrenzende woongebied. De overgang van de stad naar de polder is vaak een sterk gecultiveerde, rechtlijnige overgang, in de vorm van lintbebouwing of als randweg van een naoorlogse of juist recente uitbreidingswijk. De biodiversiteit in de landbouwgebieden, ook in de polder, staat onder druk. Door intensief agrarisch gebruik is het aantal soorten sterk afgenomen.

https://stadsbuiten.nl/wp-content/uploads/2019/11/stadsbuiten-stadsrand-polder-after.jpg

Polders bieden kansen voor ontwikkelingen die de harde scheidslijn tussen stad en land, die soms voor zowel mens als natuur ondoordringbaar is, kunnen doorbreken. Het monoculturele polder- en woonlandschap kan op die manier transformeren tot aantrekkelijke gebieden verbonden met het buitengebied waarbij tegelijkertijd de natuurwaarde van de stad wordt verhoogd.

https://stadsbuiten.nl/wp-content/uploads/2019/11/stadsbuiten-stadsrand-zandlandschap-before.jpg

In de hogere delen van Nederland wordt het landschap veelal gekenmerkt door een structuur van zandlandschappen. Doorgaans een structuur van beken en waterlopen die het hemelwater afvoert naar de rivieren. De verkaveling en dus ook de aansluiting van stad en buitengebied bij de zandlandschappen is vaak organisch van vorm. Particuliere boerderij-erven vormen de laatste bebouwing van de stad en markeren de overgang naar het (agrarische) buitengebied. Kleinschalige agrarische bedrijven staan onder druk en zijn dikwijls in onbruik geraakt of getransformeerd tot laagwaardige bestemmingen.

https://stadsbuiten.nl/wp-content/uploads/2019/11/stadsbuiten-stadsrand-zandlandschap-after.jpg

Zandlandschappen bieden kansen voor nieuwe woonclusters. Gebaseerd op de erfstructuur, gecombineerd met natuurontwikkeling op voormalige weides en akkers. Zo kan de natuur in het buitengebied worden verbonden met de stedelijke groenstructuren. Ook langzaam verkeersverbindingen tussen stad en land worden verbonden. Daarmee ontstaan nieuwe woonmilieus en worden de aanwezige ecosystemen en daarmee de biodiversiteit versterkt.

De filosofie van

Mens

StadsBuiten richt zich op het collectief van bewoners en stimuleert ontmoeting en verblijf in de groene buitenruimte.

Lees meer Lees minder
https://stadsbuiten.nl/wp-content/uploads/2019/08/afbeelding-1.jpg https://stadsbuiten.nl/wp-content/uploads/2019/11/stadsbuiten-mens-illustratie-kenmerk.jpg Mens
StadsBuiten richt zich op het collectief van bewoners en stimuleert ontmoeting en verblijf in de groene buitenruimte.

StadsBuiten bevat kleine woonclusters (circa 30 a 35 woningen) met een grote diversiteit aan groottes en typen woningen. De diversiteit is ook herkenbaar en voelbaar door een gedifferentieerde architectuur en verkaveling.

Niet een generieke verkaveling, maar een unieke plek op een unieke locatie. Geen saaie nevenschikking, maar een divers beeld van verspringende lijnen en vlakken.

De collectieve buitenruimte wordt door en met de bewoners landschappelijk ingericht met een gazon, planten en bomen, terrassen en speelvoorzieningen, een voedselbos en wellicht een zwemvijver. In samenspraak met bewoners worden collectieve gebouwde voorzieningen ontwikkeld, zoals een moestuin en kas, een fietsenstalling, een ontmoetingsruimte of een gastenverblijf. Deze faciliteiten, het deelgebruik van elkaars bezit en het beheer van de openbare ruimte worden via een digitaal platform georganiseerd.

De buitenruimte wordt ingericht in lijn met het onderliggende en omringende landschap. Iedereen woont in of aan het groen, het landschap is toegankelijk en maximaal beleefbaar.

https://stadsbuiten.nl/wp-content/uploads/2019/08/Afbeelding-3.jpg https://stadsbuiten.nl/wp-content/uploads/2019/11/stadsbuiten-plek-illustratie-kenmerk.jpg Plek
De buurt wordt een plek met bijzondere leef- en verblijfskwaliteit. Vanuit de buurt zijn stad en land optimaal bereikbaar, vooral met duurzame vervoersmiddelen.

Auto’s en doorgaand verkeer worden uit het straatbeeld geweerd. Voor auto’s wordt een centrale parkeervoorziening gemaakt aan de rand van de buurt zodat een autovrij binnengebied ontstaat.

De buurt faciliteert wel autogebruik, maar stimuleert nadrukkelijk het gebruik van duurzame vervoersmiddelen zoals elektrische deelauto’s en fietsen. Door de buurt maximaal aan te sluiten op langzaam verkeersnetwerken tussen stad en buitengebied, ontstaat een verbonden en bereikbare plek.

Ook wordt de buurt in andere netwerken optimaal verbonden: met een smartgrid voor elektriciteit en met collectieve bronnen die voorzien in elektriciteit, warmte en koude.

https://stadsbuiten.nl/wp-content/uploads/2019/08/Afbeelding-2.jpg https://stadsbuiten.nl/wp-content/uploads/2019/11/stadsbuiten-aarde-illustratie-kenmerk.jpg Aarde
StadsBuiten wordt ontworpen met bijzondere aandacht voor biodiversiteit, klimaatbestendigheid en circulariteit.

De buurt versterkt de biodiversiteit van de omgeving met de inrichting en architectuur van het landschap als habitat voor in de omgeving voorkomende soorten van planten en dieren. Bijvoorbeeld nestgelegenheid voor vogels en vleermuizen, of de inrichting van geleidelijke overgangen en hoogte-verschillen tussen natte en droge gebieden.

De buurt wordt klimaatbestendig dankzij ontharding en vergroening. Met uitgekiend waterbeheer wordt voorzien in het opvangen, bergen, filteren, zuiveren en hergebruiken van regenwater.

StadsBuiten wordt een maximaal circulaire ontwikkeling door de toepassing van duurzame bouwmaterialen en -technieken, en de inrichting van de energievoorziening uit duurzame, hernieuwbare bronnen.

Ecologische
netwerken

Stadsecologie

Bij de termen ecologie en ecosystemen wordt niet snel gedacht aan de stad. De stad biedt echter een geheel eigen ecosysteem, waarin natuurlijke elementen en menselijke bebouwing samenkomen. De biodiversiteit van de stad is soms zelfs groter dan in sommige agrarische cultuurlandschappen. Terwijl de biodiversiteit in het buitengebied steeds verder afneemt, neemt die van de stad juist toe. Een aantal uit het buitengebied verdreven soorten hebben er een permanente plek gevonden en zijn echte stadssoorten geworden.

Bedrijventerreinen

Actieve bedrijventerreinen zijn nu geen ideale locaties voor een sterke ecologie, terwijl ze wel veel potentie bieden. Bedrijventerreinen liggen vaak aan stadsranden en kunnen daardoor een belangrijke ecologische schakel vormen tussen stad en buitengebied. De slechte omstandigheden voor flora en fauna zijn aan meerdere factoren te wijten. Bijvoorbeeld verlichting die de gehele nacht aan blijft staan en het onaantrekkelijk maakt voor diverse nachtactieve soorten. Daarnaast biedt de ecologisch arme en verharde grond weinig aanleiding tot nest- en verblijfsplekken. Ook de actieve bedrijvigheden met geluidsoverlast en luchtvervuiling vanuit het vrachtverkeer werken nadelig voor de verschillende soorten die zich juist op deze plekken zouden kunnen nestelen.

Buitengebieden

Sommige delen van het buitengebied zijn ecologisch arm. Oppervlakten met een monocultuur aan gewassen zijn kwetsbaarder voor plagen en plantenziekten en bieden weinig kwaliteit voor ecologie. Zo is het aantal vogels op landbouwgronden de afgelopen 30 jaar meer dan gehalveerd. Biodiversiteit en landbouw worden vaak als tegenstelling ervaren. Door onder andere de verscheidenheid aan bestrijdingsmiddelen is in deze ruime gebieden weinig kwaliteit te vinden voor flora en fauna.

Groene assen

Met de transformatie van de buitengebieden en stadsranden ontstaan ecologisch bloeiende plekken rondom de stad. Met groene assen wordt op de schaal van de stad een duurzame relatie gelegd tussen deze plekken met de verrassend rijke stadsecologie van de (binnen)steden.
Door te denken in groene netwerken verbinden we kleine en grotere groene gebieden met elkaar. Binnen én buiten de bebouwde kom. Groene netwerken bestaan op alle schalen: robuuste hoofdstructuren en fijn vertakte wijknetwerken. Een opeenstapeling van maatregelen van groene daken en ecologische langzaam verkeersroutes tot nestkasten op gebouwniveau en stepping stones langs de grote lijnen van binnenstad naar stadsrand. Integraliteit vormt een versterking waar plant- en diersoorten van profiteren met een prettiger en aantrekkelijker leefklimaat voor natuur en mens als resultaat.
Groene assen zijn op de stadsschaal herkenbare lijnen van de rand van de stad richting het centrum of andere delen van de stad.
Ontwikkelingen langs deze as en aan de randen van de stad bieden de potentie om natuur in en om de stad met elkaar te verbinden.
De groene assen vormen een integrale vergroeningsslag en fungeren als groene long voor de stad. De stad draagt bij aan de natuur door het beter verbinden, inrichten en beheren van groene plekken en waar mogelijk nieuwe groene gebieden toe te voegen.
De herkenbare lijn wordt versterkt voor de verschillende projecten die allen bijdragen aan een veerkrachtig, groen netwerk. StadsBuiten verbindt de biodiversiteit van het buitengebied met de groene assen van de stad.
Met de transformatie van de buitengebieden en stadsranden ontstaan ecologisch bloeiende plekken rondom de stad. Met groene assen wordt op de schaal van de stad een duurzame relatie gelegd tussen deze plekken met de verrassend rijke stadsecologie van de (binnen)steden.
Door te denken in groene netwerken verbinden we kleine en grotere groene gebieden met elkaar. Binnen én buiten de bebouwde kom. Groene netwerken bestaan op alle schalen: robuuste hoofdstructuren en fijn vertakte wijknetwerken. Een opeenstapeling van maatregelen van groene daken en ecologische langzaam verkeersroutes tot nestkasten op gebouwniveau en stepping stones langs de grote lijnen van binnenstad naar stadsrand. Integraliteit vormt een versterking waar plant- en diersoorten van profiteren met een prettiger en aantrekkelijker leefklimaat voor natuur en mens als resultaat.
Om de stadsranden te transformeren tot ecologische, landschappelijke structuren én waardevolle woongebieden is samenwerken essentieel. Met gemeenten, stakeholders en partners in de keten. Er zal over eigendoms- en gemeentegrenzen moeten worden heengekeken om aanwezige kansen te benutten. Het doel is om gezamenlijk tot concrete, hoogwaardige en duurzame projecten te komen. Projecten waarin de kansen die StadsBuiten biedt voor stad, landschap en de doelgroep, ten volle worden benut.

Stadsrand: Polder


In de lagere delen van Nederland is de polder een veelvoorkomend, leidend verkavelingsprincipe. De polders, meestal in gebruik als agrarisch gebied, zijn herkenbaar en beleefbaar als grote open weides en akkerland aan de rand van het stedelijk gebied. De orthogonale vorm, de maat en het ritme van de polderslagen zijn sterk waarneembaar, veelal doorgezet in de verkaveling van het aangrenzende woongebied. De overgang van de stad naar de polder is vaak een sterk gecultiveerde, rechtlijnige overgang, in de vorm van lintbebouwing of als randweg van een naoorlogse of juist recente uitbreidingswijk. De biodiversiteit in de landbouwgebieden, ook in de polder, staat onder druk. Door cultivering van de natuur is het aantal soorten sterk afgenomen.

Stadsrand: Beekdal


In de lagere delen van Nederland is de polder een veelvoorkomend, leidend verkavelingsprincipe. De polders, meestal in gebruik als agrarisch gebied, zijn herkenbaar en beleefbaar als grote open weides en akkerland aan de rand van het stedelijk gebied. De orthogonale vorm, de maat en het ritme van de polderslagen zijn sterk waarneembaar, veelal doorgezet in de verkaveling van het aangrenzende woongebied. De overgang van de stad naar de polder is vaak een sterk gecultiveerde, rechtlijnige overgang, in de vorm van lintbebouwing of als randweg van een naoorlogse of juist recente uitbreidingswijk. De biodiversiteit in de landbouwgebieden, ook in de polder, staat onder druk. Door cultivering van de natuur is het aantal soorten sterk afgenomen.

Stadsrand: Rafelrand


In de lagere delen van Nederland is de polder een veelvoorkomend, leidend verkavelingsprincipe. De polders, meestal in gebruik als agrarisch gebied, zijn herkenbaar en beleefbaar als grote open weides en akkerland aan de rand van het stedelijk gebied. De orthogonale vorm, de maat en het ritme van de polderslagen zijn sterk waarneembaar, veelal doorgezet in de verkaveling van het aangrenzende woongebied. De overgang van de stad naar de polder is vaak een sterk gecultiveerde, rechtlijnige overgang, in de vorm van lintbebouwing of als randweg van een naoorlogse of juist recente uitbreidingswijk. De biodiversiteit in de landbouwgebieden, ook in de polder, staat onder druk. Door cultivering van de natuur is het aantal soorten sterk afgenomen.

Stadsrand: Industriegebied


In de lagere delen van Nederland is de polder een veelvoorkomend, leidend verkavelingsprincipe. De polders, meestal in gebruik als agrarisch gebied, zijn herkenbaar en beleefbaar als grote open weides en akkerland aan de rand van het stedelijk gebied. De orthogonale vorm, de maat en het ritme van de polderslagen zijn sterk waarneembaar, veelal doorgezet in de verkaveling van het aangrenzende woongebied. De overgang van de stad naar de polder is vaak een sterk gecultiveerde, rechtlijnige overgang, in de vorm van lintbebouwing of als randweg van een naoorlogse of juist recente uitbreidingswijk. De biodiversiteit in de landbouwgebieden, ook in de polder, staat onder druk. Door cultivering van de natuur is het aantal soorten sterk afgenomen.

Zoekvenster sluiten